Wat is tractorpulling? - Trekkertrek Team Harpel

Unieke motorische krachtsport

Truck- en tractorpulling: de naam van een unieke motorische krachtsport. Deze van oorsprong Amerikaanse sport heeft sinds haar introductie op de Flevohof in 1977 reeds tienduizenden Europeanen in haar greep gekregen.

Ook in ons land kent de sport vele duizenden enthousiaste aanhangers. Dat zal ongetwijfeld te maken hebben met het niveau van de sport en de plaats van de Nederlanders binnen de Europese top. Al vele Europese titels werden de laatste jaren door Nederlanders binnengehaald.

De klassen.

Vanaf 2000 zijn er door de N.T.T.O. drie verschillende klassen in het leven geroepen bij de standaardtractoren: De Standaardklasse, de Sportklasse en de Super-Sportklasse. In de Standaardklasse rijden tractoren waar na levering uit de fabriek niets aan gedaan mag zijn; aan de banden mag niet gesneden zijn en de hefinrichting moet nog aan de tractor bevestigd zijn. In de Sportklasse dienen de tractoren er ook nog uit te zien als na levering uit de fabriek, maar nu met bovengenoemde afwijkingen. In beide klassen dienen motor, turbo en brandstofpomp origineel te zijn. Bij de Sportklasse is het wel toegestaan om deze van binnen iets te veranderen, zodat de tractor sterker wordt.

Bij de Super-Sportklasse mogen de tractoren voorzien zijn van een willekeurige brandstofpomp en turbo. De N.T.T.O. heeft deze klassen in het leven geroepen. Er zijn wel meer wedstrijden, niet van de N.T.T.O., die wel deze klassen hanteren. Vervolgens heb je nog de klassen bij de slèp. Die wijken qua gewicht iets af van de rest. Zij hebben standaard en niet standaard klassen. Bij de standaardklassen mag er dan niet geschroefd zijn aan de tractoren. Deze worden op de wedstrijd gecontroleerd aan de waterrem. Er mag maximaal 10% afgeweken worden van wat de fabriek bepaald heeft.

De niet standaard klassen hebben wel limieten, maar zijn erg vrij. Bij Basrijs heb je de landbouwklassen en de Mega-Sportklassen. De Mega-Sportklassen zijn te vergelijken met de Super-Sportklassen van de NTTO. De landbouwklassen zijn wel vrijer dan de standaardklasse bij de NTTO. Ook zijn er regelmatig wedstrijden waar hele andere klassen rijden. Dit wordt vaak bepaald door degenen die de wedstrijd organiseren. Natuurlijk rijden niet alle kleine en grote tractoren door elkaar, maar zijn de klassen ook verdeeld naar gewicht. De meest gangbare gewichtsklassen zijn: 2500 kg - 3500 kg - 4500 kg - 5500 kg - 7500 kg - 11000 kg. Bij de trekkerslep worden de volgende klassen gehanteerd: 2600 kg - 3000 kg - 3800 kg - 5000 kg - 7000 kg - 10000 kg.

Hoe win je?

Zoals eerder gezegd is het dus de bedoeling om een sleepwagen over een zo groot mogelijke afstand te verrijden. Een Tractor Pulling baan is meestal 100 meter, maar het is niet altijd gemakkelijk om die 100 meter te halen; het ligt er maar net aan hoe "zwaar" de sleepwagen afgesteld is. De sleepwagen wordt namelijk bij elke meter die je vooruit komt zwaarder: er komt een ballastbak met daarin gewichten naar voren (richting de tractor). Wanneer de bak voor aan de wagen is, is er bij sommige sleepwagens ook nog de mogelijkheid om messen de grond in te laten gaan. Op een gegeven moment is de tractor het beu en komt hij echt niet meer verder. Hoe sterk je tractor ook is, hij wordt hoe dan ook gestopt. Wanneer je de volledige baanlengte weet af te leggen (meestal 100 meter) met tractor en sleepwagen, heb je een Full Pull (F.P.). Wanneer de sleepwagen zo afgesteld is dat er geen Full Pull's gereden worden, is de klassering erg gemakkelijk: degene die het verste komt met de sleepwagen wint. Wanneer er door een aantal tractoren een Full Pull gereden wordt, moeten deze nog een keer voor de sleepwagen verschijnen voor een finale. De sleepwagen staat dan wel wat zwaarder afgesteld, zodat de tractoren geen Full Pull meer halen. Degene die dan het verste komt wint.

De sleepwagen.

Elke tractor wordt met een ketting aan de sleepwagen verbonden. Op de meeste sleepwagens zit een ballastbak met gewichten die verplaatst wordt tijdens de pull in de richting van de tractor. Het wordt dus steeds zwaarder. Ook zijn er sleepwagens die werken met strip dat onder de sleepvoet de grond in wordt gedrukt. Zo wordt het ook moeilijker om de sleepwagen te verplaatsen.

Hoe wordt de afstand bepaald?

Dit is per wedstrijd verschillend. Vroeger moest bij elke pull de afstand gemeten worden met een meetlint. Om de 10 meter staan aan beide kanten van de baan bordjes, waar vandaan je de afstand dan kon meten. Dit is bij een aantal wedstrijden nog steeds het geval. Bij de wedstrijden van de N.T.T.O. wordt heel nauwkeurig gemeten: Hier hebben we te maken met een lasermeting. Vanaf een bepaald punt aan het einde van de baan wordt de begin- en eindafstand gemeten tot de sleepwagen. Vervolgens is het verschil de gereden afstand. Naast de wedstrijden van de N.T.T.O. zijn er wel meer wedstrijden met lasermeting. De sleepwagens van Basrijs (Hyproslee) en Piet Reinders (Power Breaker) meten op dit moment het allersnelst: Er is een teller met de as van de sleepwagen verbonden. Vanaf het begin van de pull wordt deze op 0 gezet. Tijdens de pull kun je aflezen hoe ver de tractor is; op het moment dat de tractor stil staat zie je direct hoe ver hij gekomen is. Deze sleepwagens kunnen dan ook de meeste deelnemers op een dag hebben van alle sleepwagens in Nederland en België.

Bronnen: Tractorpulling & NTTO

© trekkertrekharpel.nl - Sitemap